Grammatica van het Spokaans © Rolandt Tweehuysen | Postbus 3774 | 1001 AN Amsterdam

<< Inhoudsopgave | Registers >>
<< Hoofdstuk 192 | Hoofdstuk 194 >>

19. Appendices

193. Tegenwoordige deelwoorden als Additief


Teg.deelw.n die als additief optreden hebben vrijwel altijd een gelexicaliseerde betekenis. De lijst hieronder is op werkwoord gealfabetiseerd.

    ²     alleen categorie II
    ³     alleen categorie III
Additieven van categorie I zijn niet als zodanig gemarkeerd.


aeruneindruk maken, imponeren aeruneliraindrukwekkend
arfinekomen arfinelira²respectievelijk
   bentarfinelira²eerstvolgende
armtganevergoeden; tegemoet komen aan armtganelira²tegemoetkomend, coulant
arvendevoorbijgaan, passeren arvendeliratussen haakjes, à propos
blaffe[op]eisen blaffeliraonmisbaar
byteslaan bytelirafrappant
châfegeselen châfelira(gebrek) nijpend; (koude) snerpend
declareverklaren declarelirain ieder geval; in alle gevallen
doétesterven doételiraschurftig, goor, smerig
fameomvatten, omsluiten fameliravolslagen, volledig; alom, overal, rondom
fartelopen fartelirageliefd, veelgevraagd
feskvâlekwellen, pijn doen idefeskvâlelirapijnstillend
festubere*vastgrijpen festubereliraonweerstaanbaar
*  Festubere is alleen figuurlijk. In concrete zin wordt ubere-fest gebruikt.
fôlgevolgen uit; opvolgen fôlgeliraachterelkaar; opeenvolgend
gayšesteken, prikken gayšeliraopwèkkend
gladoeblij zijn gladoeliraverheugend; heuglijk
hendreaangrijpen, te baat nemen hendreliradoortastend
hudein de houding staan hudeliracorrect, onberispelijk
   pâlthudelirahypercorrect
hueaan banden leggen; (geluid) dempen huelirageluiddempend
ialefeoogsten ialefelira(fig.) bloeiend (handel)
jalo'ifevoorwaarden stellen jalo'ifeliraonder bepaalde voorwaarden
jelpjevelosmaken nejelpjeveliraonlosmakelijk
jiyxestrooien jiyxelirakwistig, royaal
juftegelden voor/als juftelirageldig
   nejufteliraongeldig
kafðéezich afzetten (tegen) kafðéeliraweerzinwekkend
kafmonslenperechtvaardigen, verantwoorden quandro-kafmonslenpelirazichzelf rechtvaardigend
kafsompe[achter]nagaan, volgen kafsompelirarealistisch
kainewekken kainelira(zaak) ongehoord, buitensporig; (persoon) hondsbrutaal
kifrefonkelen, glanzen kifrelira (fig.) verguld; in zijn nopjes
kôleramen, schatten kôleliraomstreeks, omtrent
kolestÿneop school zitten; school gaan kolestÿneliraschools, slaafs
krusveverbrijzelen krusvelira(fig.) vernietigend
lardeeten ÿry-lardeliraburgerlijk, bekrompen
laterewapperen laterelira(fig.) opgewonden
lennekloppen; in orde zijn lenneliragangbaar, courant
lirevertrouwen lireliravertrouwd
mefrebetekenen, beduiden, inhouden mefreliradat wil zeggen; of te wel
mešane[aan]komen mešaneliranader
mipvende*gaan uit, uitgaan mipvendelirasmakeloos; tactloos
*  Mipvende is archaïsch; tegenwoordig is mipende gebruikelijker. Zie ook § $$.
mipÿrômeuitwerken mipÿrômelirauitvoerig
miypedenken nert-miypelirabespottelijk; krankzinnig (versterking)
môntyeeen probleem zijn môntyeliraoneindig, onnoemelijk
nâlmece[uit]puilen nâlmecelira³*krankzinnig
*  Nâlmecelira dient als versterking van een additief.
nâzjaekenmerken nâzjaelirakenmerkend, typisch
nestiyenodig zijn nestiyelira³desnoods, zo nodig
nramyte(lett.) opjagen nramytelira(fig.) stormachtig
ortebijten ortelira³*belust
*  Ortelira alleen in combinatie met fes: ortelira fes (belust op). Dit geldt als voorz.uitdrukking, zie § $$.
painedoen painelirabezig, doende
   nepainelira³ongedaan
   pâltpaineliraoverdadig
pjohellebeschimpen pjohelleliraonbeschoft
probarewillen probarelirabereid[willig]; welwillend
   isyiy-probareliragemakshalve
quâme(alg.) uitlokken quâmeliravoorbeeldig
quazjoðe(fig.) ontwrichten quazjoðelira[zeer] ongelegen komend; slecht uitkomend
manneuitrichten, uitvoeren qudex-mannelira²wetgevend
querdoeverschillen, verschillend zijn querdoeliraverschillende, anders, ongelijk
quimetseevenaren met; opwegen tegen nert quimetseliraonmeetbaar, reusachtig groot
qurstoxetreffen, raken qurstoxelirasterk (verhaal)
quxeoptreden (handelen) quxeliravoorspoedig
reppespreken, zeggen sen-reppelira³uiteraard
reproduserereproduceren quandro-reproduserelirazelfreproducerend
rueeen boer laten; oprispen ruelirabijkomend (extra)
rÿlempeaangroeien, toenemen rÿlempelirain toenemende mate
simajeopbergen, opruimen simajeliraachterbaks
slapelsatenaar bed gaan slapelsatelirabedlegerig
sompevolgen, bijhouden sompeliragetrouw
šove[ver]tonen âp-šoveliracapabel
   kafšoveliraarrogant
splônjebedoelen, menen splônjelirawelmenend
tiffeweten, kennen tiffelira³te weten, namelijk
   idetiffeliravergeetachtig
tijâsliyseuitglijden tijâsliyselirabuitensporig, overmatig, onredelijk
tindeblijven lakâ-tindeliraoverigens (voor de rest geldend); afgezien van
tinkereworden tinkerelirain wording
tizjyre(iets) gemeenschappelijk doen tizjyrelirawelwillend, inschikkelijk; minzaam
tradamfartevooruitlopen, -gaan tradamfartelira(fig.) vooruitstrevend
tygtjaflectredoorkruisen, dwarsbomen tygtjaflectrelirauitmuntend
ularâfevasthouden ularâfelira*intransitief (werkwoord)
*  Zie § 80.11 voor de uitleg van het begrip ularâfelira.
ulljeveindringen, binnendringen ulljeveliraingrijpend (verandering)
unkettezich overgeven [aan] unkettelira(fig.) ontwapenend
ustjâgeoplichten, bedriegen ustjâgelirabedrieglijk
votestemmen votelira³uiteraard, vanzelfsprekend
wuxeuiten (taal, mening); luchten (gemoed) wuxelira*aanzienlijk, belangrijk, groot
*  Vergelijk wuxelira met: armtzerfelira (tamelijk, vrij, nogal).
wygceuitwijken, opzijgaan wygceliravèrstrekkend (gevolgen)
ÿrftezich aanpassen (aan) ÿrftelirabelangwekkend, interessant
ÿrmlesendeafstoten; afkeer inboezemen ÿrmlesendeliraafstotelijk
ÿrzoze(fig.) aansteken ÿrzozeliraaanstekelijk
ÿtinedragen ÿtinelirazwanger
ÿzjale(alg.) optreden ÿzjalelirabijkomstig, erbijkomend
zârewonen surront-zâreliraomwonend
   zârelira²woonachtig, wonend
zerfekijken, zien armtzerfelira*tamelijk, vrij, nogal
   kleter-zerfeliraherboren
*  Vergelijk armtzerfelira met: wuxelira (aanzienlijk).
zutewinnen, verwerven zutelirarendabel


<< Inhoudsopgave | Registers >>
<< Hoofdstuk 192 | Hoofdstuk 194 >>