Grammatica van het Spokaans
| © Rolandt Tweehuysen | Postbus 3774 | 1001 AN Amsterdam |
|
<< Inhoudsopgave |
Registers >>
<< Hoofdstuk 162 | Hoofdstuk 171 >> 17. Antropologische linguïstiek170. Telwoorden en breuken
170.1
De behandeling van de telwoorden is opgenomen in de Afdeling Antropologische linguïstiek. In deze Afdeling worden verder onderwerpen als temporele uitdrukkingen, klokkijken, kleuren, naamgeving en familierelaties behandeld.
Zulke theoretische beschouwingen (gebaseerd op Labovs.....) zullen in deze Spokaanse grammatica niet aan de orde komen; er zal slechts aandacht besteed worden aan de semantische, grammaticale en idiomatische aspecten van zaken die in de Spokanische linguïstische traditie een "antropologische" connotatie hebben. 170.2 Het Spokaans kent twee talstelsels:
In dit hoofdstuk hanteren we de volgende schrijfwijzen voor de "vertaling" van de Spokaanse getalsnamen:
170.3 ad § 170.2 A. Het klassieke talstelsel Het klassieke talstelsel kent aparte telwoorden tot en met 14, en wel: [noot] Het telwoord heferg is een samentrekking van holfe-erg (dus "half-veertien"). 170.x3 Het woord perdÿr betekent niet alleen 'twee', maar ook 'beide':
170.x3a Het woord hent betekent niet alleen 'vijf', maar ook 'hand':
[noot] Het telwoord hent (vijf) wordt altijd gevolgd door een subst. in het enkelvoud (zie § 170.x5). De telwoorden ér, hent, erg en rân worden altijd gevolgd door het enkelvoud: ... >>> VERWIJZING IN § 31.26 ! 170.x4 De namen van de hogere getallen zijn opgebouwd uit een basisgetal of een afgeleid basisgetal, gevolgd door een aanvullend getal. De basisgetallen zijn: De afgeleide basisgetallen, of kortweg, afgeleide getallen, zijn: Merk op dat het afgeleide basisgetal rân-tenerg (64) nooit zelfstandig (d.w.z. niet binnen een samenstelling) wordt gebruikt. Het getal '64' wordt uitgedrukt als main-hent-erg, en pas bij '65' verschijnt rân-tenerg in de samst., namelijk rân-tenerg-ér ("36+28+1"). Zie verder § 170.x7a. 170.x6s
In samengestelde getalnamen wordt voor '2' uitsluitend de term ten gebruikt, en nooit het synoniem perdÿr. 170.x6 De getallen 15 t/m 27 worden uitgedrukt door een samenstelling met het basisgetal erg (14), gevolgd door een van de telwoorden ér (1) t/m râsen (13): Voor het getal '21' bestaat niet alleen de regelmatige samst. erg-heferg ("veertien-zeven"), maar ook het eigen telwoord sekkÿ. 170.x7
Het getal '28' wordt uitgedrukt met de afleiding tenerg, letterlijk "2 × erg" (2×14).
170.x8 De getallen 37 t/m 50 worden uitgedrukt door een samenstelling met het basisgetal rân (36), gevolgd door een van de telwoorden ér (1) t/m erg (14): Voor het getal '50' bestaat tevens de afleiding main-hent ("tien keer vijf"). Deze afleiding wordt gebruikt in de volgende reeks telwoorden (zie volgende paragraaf). 170.x7x
Het getal '50' wordt uitgedrukt met de afleiding main-hent, letterlijk "10 × hent" (10×5). Voor het getal '55' wordt nooit de samst. ¢ main-hent-hent gebruikt, hoewel hent een correct synoniem van vÿr (5) is. Voor het getal '50' bestaat tevens de samst. rân-erg ("36+14"). (zie vorige paragraaf). 170.x7a De getallen 65 t/m 77 worden uitgedrukt door een samenstelling met het afgeleide basisgetal rân-tenerg (64), gevolgd door een van de telwoorden ér (1) t/m râsen (13): Voor het getal '69' wordt nooit de samst. ¢ rân-tenerg-hent gebruikt, hoewel hent een correct synoniem van vÿr (5) is. Aangezien '72' ook uitgedrukt kan worden met het afgeleide basisgetal tenrân (2×36), bestaan er voor de getallen 73 t/m 77 ook alternatieve samenst.n. Zie hiervoor de volgende paragraaf. 170.x8a De getallen 73 t/m 100 worden uitgedrukt door een samenstelling met het afgeleide basisgetal tenrân (2×36), gevolgd door een van de telwoorden ér (1) t/m tenerg (28). Merk op dat de telwoorden 15 t/m 27 zelf ook al een samst. zijn: Voor de getallen 73 t/m 77 bestaan ook alternatieve vormen, samengesteld met rân-tenerg (36+28). Zie hiervoor de vorige paragraaf. Het getal 77 kan derhalve op drie manieren worden uitgedrukt:
170.x8b Honderdtallen en duizendtallen worden uitgedrukt met een samenst. van een van de hierboven behandelde telwoorden, gecombineerd met pérsa (100), bijvoorbeeld: Merk op dat het Spokaans geen apart woord voor '1000' kent, maar dat er in honderdtallen wordt doorgeteld, dus in plaats van "negenduizend-zevenhonderd' (9700) wordt er "zevenennegentig-honderd" gezegd. 170.y8b Achter de duizend- en honderdtallen worden de tientallen geplaatst, geheel volgens de hierboven uitgelegde regels. Enkele voorbeelden:
170.y8bb In de spreektaal wordt tussen de honderdtallen en de tientallen dikwijls het voegwoord ur (en) ingevoegd. Dit wordt echter nooit geschreven. Onderstaande voorbeelden zijn dan ook typisch spreektaal: Uitzonderingen: in getallen tot 200 (dus waarbij pérsa niet door een ander telwoord wordt voorafgegaan) en in jaartallen wordt nooit ur toegevoegd. Vergelijk:
1987 = erg-hent-pérsa-tenrân-erg-ér ~ * erg-hent-pérsa-ur-tenrân-erg-ér (als een jaartal wordt bedoeld)
170.z8a Het Spokaans heeft weliswaar geen apart woord voor 'duizend', maar wel een apart woord voor 'tienduizend': plâr. De volgende voorbeelden spreken voor zich: 170.z8f Het Spokaans heeft eveneens een apart telwoord voor 'honderdduizend': lôki. De volgende voorbeelden spreken voor zich: 170.z8g Alle telwoorden zoals die in de voorgaande paragrafen zijn besproken kunnen opgenomen in samst.n waarin een van de volgende telwoorden het hoofdelement is: Het symbool "¢$" wil zeggen: dit is een geconstrueerde schrijftaalvorm die niet algemeen aanvaard is, maar in sommige wetenschappelijke publicaties wordt gebruikt. De volgende voorbeelden spreken voor zich: Het zal duidelijk zijn dat er de voorkeur aan gegeven wordt om eenheden als 'miljoen', 'miljard', of nog hoger, in letters te schrijven. Worden zulke enorme getallen in cijfers uitgedrukt, dan gaat het vrijwel altijd om wetenschappelijke notaties, en zal de voorkeur gegeven worden aan het rekenkundige talstelsel, zoals beschreven vanaf § 170.x9. 170.z8b Als een kleiner telwoord meer dan één keer voorkomt in de samenstelling om een groter getal uit te drukken, moet zo veel mogelijk dezelfde variant gehandhaafd worden. Voorbeeld: voor het getal '8' bestaan de woorden âke en nala. Gebruik dan in het getal '808' slechts één van beide varianten: âke-pérsa-âke en nala-pérsa-nala zijn correct, maar * âke-pérsa-nala of * nala-pérsa-âke zijn dat niet. Vergelijk ook '591': vÿr-pérsa-tenrân-erg-vÿr en hent-pérsa-tenrân-erg-hent zijn correct, maar * hent-pérsa-tenrân-erg-vÿr of * vÿr-pérsa-tenrân-erg-hent zijn verkeerd (als in de onmiddellijke nabijheid van een telwoord het subst. hent (hand) voorkomt, dient de vorm hent voor '5' hoe dan ook door vÿr vervangen te worden). 170.z8k Tot omstreeks 1960 was het de gewoonte om in getallen punten te plaatsen na de duizendtallen (in het Spokaans veelvouden van honderd), en na de honderdduizendtallen. Deze verdeling in punten komt overeen met de wijze van uitspreken, waarbij er voor 'honderdduizend' en 'tienduizend' wel aparte telwoorden bestaan, maar niet voor 'duizend. Tegenwoordig wordt het internationale systeem aangehouden, dat wil zeggen: punten tussen de honderdtallen (ofwel: om de 3 cijfers; en geen komma's of spaties!). Vergelijk: 170.x9 ad § 170.2 B. Het rekenkundige talstelsel Het rekenkundige talstelsel is gebaseerd op een tientallig stelsel, analoog aan het Engels. Deze wijze van tellen is aan het eind van de 18e eeuw ingevoerd door de geleerde XYZ, waarmee hij het uitvoeren van rekenkundige bewerkingen wilde vergemakkelijken, en aldus voor een groter publiek beschikbaar maken. Heden ten dage leren Spokanische scholieren rekenen in het rekenkundige stelsel, maar de uiteindelijke uitkomst wordt genoemd in het klassieke stelsel. Omdat het rekenen meestal fluisterend gebeurt, wordt het rekenkundige stelsel ook wel "de fluistergetallen" genoemd, waarna de uitkomst in "spreekgetallen" gezegd wordt. 170.x10 Voor het rekenkundige stelsel wordt gebruik gemaakt van de klassieke getallen 1 t/m 10, en van neologismen die de tientallen van 20 t/m 90 aanduiden: Let op de onregelmatige vorm âksta, die XYZ gecreëerd schijnt te hebben omdat hij dat "mooier" vond klinken dan "âkesa". De dubbelvormen perdÿr (2), hent (5), nala (8) en tenhent (10) worden in het rekenkundig stelsel niet gebruikt. In plaats van het regelmatig gevormde hefergsa (70) stelde XYZ in eerste instantie het gebruik van zÿfsta of zÿfsa voor. Het gebruik van dit neologisme, samen met de onregelmatige vorm âksta, betekende dat alle telwoorden die tientallen aanduidden, twee lettergrepen hadden. Dat kwam volgens de monnik de "regelmatigheid" en het "ritme" ten goede. Hoewel zÿfs[t]a nooit opgang heeft gevonden, komen we het sporadisch wel in geschriften met een streng roomskatholiek signatuur tegen. 170.x11 De telwoorden 11 t/m 19 worden samengesteld met main (10), gevolgd door ér (1) t/m nyn (9): Omdat de variant hent (5) niet gebruikt wordt, komt main-hent ("10+5") in de betekenis van '15' evenmin voor. Dit heeft als voordeel dat er geen verwarring kan ontstaan met het klassieke telwoord main-hent, dat geïnterpreteerd moet worden als "10×5", en dus '50' betekent. 170.x12 De door XYZ voorgestelde telwoorden main-ér (11) t/m main-fâr (14) worden tegenwoordig zelden gebruikt. Hiervoor in de plaats treden de klassieke vormen lÿn t/m erg, die kennelijk geen belemmering vormen voor een gemakkelijk rekenen, dus: Mocht er met main-vÿr (15) toch nog verwarring met het klassieke main-hent (50) optreden, dan kan ook in het rekenkundige stelsel eventueel erg-ér voor '15' gezegd worden. 170.x13 Vanaf '21' worden de rekenkundige telwoorden net zo gevormd als in het Engels: eerst de honderdtallen, dan de tientallen en dan de eenheden, bijvoorbeeld: 170.x14 Ook in het rekenkundige stelsel ontbreekt een apart woord voor '1000', terwijl de namen plâr (10.000) en lôki (100.000) wel gebruikt worden. De volgende voorbeelden spreken voor zich:
Rangtelwoorden worden gevormd door het suffix -tef:
Als getallen met cijfers worden geschreven, wordt -tef afgekort tot f: 1f (1e), 92f (92e), enzovoort. >>> VERWIJZING IN PAR. 43.26 ! Rangtelwoorden worden niet als een "echt" additief beschouwd, wat onder meer blijkt uit het feit dat een koppelwerkw., gevolgd door door een rangtelw., niet vervangen kan worden door een verbaal suffix. Vergelijk:
170.x16 Rangtelwoorden worden uitsluitend gebruikt als er sprake is van een opsomming of reeks, bijvoorbeeld: ..... Subjectief gebruikte rangtelwoorden: >>> VERWIJZING IN PAR. 50.18 en PAR. 102.?? ! 170.x18 (was eerst 170.x17 GEEN VERWIJZINGEN??) In een individueel geval wordt gebruik gemaakt van een achter geplaatst hoofdtelwoord, of een hoofdtelwoord in de functie van verbaal additief (??):
Petriy zâre fes sért dur. 'Petriy woont in het derde huis.' 170.x18 170.x19 Breuken worden gevormd met het voorzetsel mip (uit), gevolgd door een rangtelwoord, zoals: dur mip hefergtef (dire-zevende), ér mip pérsatef (één-honderdste). In plaats van ér mip tentef (één-tweede) wordt eft holfe (een half) gezegd. En in plaats van ér mip fârtef (één-vierde) en dur mip fârtef (drie-vierde) zegt men liever ér korter (een kwart) en dur korters (lett. drie kwarten). ... 170.x20 170.x21 In plaats van ér-ur-tentef 'een-tweede' zegt men liever eft holfe 'een half', en in plaats van ér-ur-fârtef 'een-vierde' resp. dur-ur-fârtef 'drie-vierde' wordt ook eft korter 'een kwart' resp. dur korters 'drie-kwart' gezegd. 170.x22 170.x23 Ook bij breuken en rangtelwoorden wordt onderscheid gemaakt tussen het klassieke en het rekenkundige telsysteem. Vergelijk:
... 170.x24 Rekenkundige bewerkingen worden als volgt uitgedrukt (uitdrukkingen met rekenkundige telwoorden zijn onderstreept:
170.x25 Getallen kunnen niet alleen voluit geschreven worden, maar ook als teken. In literaire teksten wordt er de voorkeur aan gegeven om een getal voluit te schrijven, mits het getal uit niet meer dan twee elementen bestaat:
Eup eft dur ziym eft fâr gra, ur enn eft hâlâfer pónze fes ef telefonos.1 170.x26 Bij voluit geschreven getallen worden altijd de namen uit het klassieke telsysteem gebruikt. De namen uit het rekenkundige systeem worden in principe nooit geschreven, maar slechts gesproken in rekenkundige bewerkingen ed. 170.x27 In wetenschappelijke teksten, beschrijvingen van formules, gebruiksaanwijzingen en dergelijke wordt de voorkeur aan het schrijven van een teken gegeven, bijvoorbeeld:
Frópjÿ ef interhor-chaquindôsta stus gretât bent eft 2. 170.x28 Getallen (inclusief breuken en rangtelwoorden) die uit meer dan 2 elementen zijn samengesteld, alsmede combinaties van letters, cijfers en/of symbolen, worden altijd als een teken geschreven:
Fes ef zeces 5.864 veldurs zâre. 'In het dorp wonen 5.864 mensen.' 170.x29 ....
170.x30 ... 170.x32 Afleidingen
Telwoorden kunnen genominaliseerd worden met het prefix a-. Zo wordt een "bepaald aantal" of een "bepaald cijfer" gevormd. Dit is reeds uitgelegd in § 20.39.
De munten en bankbiljetten in de roze cellen zijn eind 1997 uit de roulatie genomen. De munten in de groene cellen zijn hiervoor in de plaats gekomen. Bankbiljetten van 50 h- (beige cellen) worden alleen door de Garóshi Bañgc uitgegeven, maar zullen vanaf 2004 ook door de Spooksoliy Benc worden uitgegeven.
Merk op dat alleen de naam van de munt van 1 tóftos en die van het biljet van 1 herco op een onregelmatige wijze gevormd worden: niet met het prefix a-, maar met het suffix -t[a].
Yvonnex ef kleter rastobos melde 2 alôkis.
Ook bij buitenlands geld kunnen jeji, en bovendien drur, gebruikt worden. 170.x34 Met het suffix -sas kunnen zelfst.vnw.n afgeleid worden. Deze afleiding is alleen mogelijk bij niet-samengestelde telwoorden, zoals:
dur ~ dursas 'drie' ~ 'zij drieën; alledrie' Onregelmatig zijn de volgende drie afleidingen:
perdÿr ~ perdÿrs 'beide[n]; zij tweeën; alletwee' Bij grotere aantallen (boven de 10) zijn deze afleidingen echter minder gebruikelijk. >>> VERWIJZING IN PAR. 73.5 NOOT 7 !
zelfst. zelfst. genitief genitief resultatief
Van samengestelde telw.n bestaat de -as-afleiding niet!
I.p.v. ten wordt in samenstellingen ter- gebruikt.
serie A ér/ten/dur/fâr/hent/sers/heferg/âke/nyn/main/lÿn/tesen/râsen/erg
De getallen 14, 28, 36, 50, 64 en 72 worden "stamwoorden" genoemd, omdat allen andere telwoorden hiervan afgeleid worden. NOTEN NOTEN NOTEN
<< Inhoudsopgave | Registers >> << Hoofdstuk 162 | Hoofdstuk 171 >> |