Een complete Nederlands-
talige grammatica van het
Spokaans, geschreven
vanuit een Nederlands
perspectief.

Grammatica van het Spokaans

Home       Inhoud       Registers       Hoofdmenu SPARC       Taalmenu SPARC


<< Voorwoord | Hoofdstuk 11 >>

1. Introductie

10. Talen, dialecten en alfabet


Opbouw van dit hoofdstuk: Blokken:

10.1   Overzicht van talen en dialecten

Het Koninkrijk Spokanië bestaat uit 7 hoofdeilanden, elk met een eigen bestuur, en een stuk of 25 kleinere bij-eilanden die bestuurlijk elk onder een hoofdeiland ressorteren. Alle hoofdeilanden, behalve de twee kleinste, zijn administratief onderverdeeld in 2 of meer districten.

10.2

Overzicht van de hoofdeilanden met hun districten: Noot 1

Berref Ziyp, Munt, Bloi, Plefô, Tjemp
Liftka Ales, Ben, Jelafo, Renô
Brÿr Litii, Flenazjekk
Tigof Neno, Flâp
Lomky       Neze, Kina
Teujan
Garos


Noot 1 De hoofdeilanden zijn qua oppervlakte van groot naar klein gerangschikt. Per hoofdeiland zijn ook de districten van groot naar klein gerangschikt.

10.3

De talen en dialecten die in Spokanië gesproken worden, behoren alle tot de Atlantische taalgroep. Er bestaat onenigheid over de vraag of deze taalgroep beschouwd moet worden als een aparte tak van de Indo-Europese taalfamilie, of dat de Atlantische talen als een eigen taalfamilie geclassificeerd moeten worden.
Algemeen geaccepteerd is tegenwoordig dat de Atlantische taalgroep onderverdeeld moet worden in 3 verschillende talen: het Spokanisch, het Pegrevisch en het Garosisch.

10.4

In het volgende Blok (§ 10.5) staan per kolom:

  1. de officiële Spokaanse naam van de taal of het dialect;
  2. de officiële Nederlandse naam zoals in Gevers (1960) is voorgesteld;
  3. het totale aantal sprekers van de taal of het dialect;
  4. het percentage van dit aantal dat er nog een tweede taal (meestal Midden-Spokaans) bij spreekt.

Let op het verschil tussen de termen Spokanisch en Spokaans. "Spokanisch" is het adjectief bij "Spokanië", en hiermee wordt een van de drie Atlantische talen aangeduid, die in de taal zelf Spokânda heet. Deze taal wordt onderverdeeld in vier hoofddialecten, en een van deze hoofddialecten geldt als de standaardtaal voor het gehele koninkrijk. Dit hoofddialect heet Wefot-Spokânda, vroeger letterlijk in het Nederlands vertaald met "West-Spokanisch", maar tegenwoordig in navolging van Gevers Spokaans genoemd.

10.5

Onderverdeling van de Atlantische talen
  Spokaanse naam Nederlandse naam Sprekers %
A. SPOKÂNDA-MUX Spokanisch 6.032.000  
1.
2.
 
 
 
 
 
 
 
3.
4.
 
 
 
 
TJEMPÔR
WEFOT-SPOKÂNDA
a. Plefô-wefot-spokânda
b. Krappa-wefot-spokânda
c. Lurgiy-wefot-spokânda
[d. Ziffon-wefot-spokânda]
e. Ÿrofly-wefot-spokânda
f. Môliy-wefot-spokânda
g. Hazâcki-wefot-spokânda  
ZVEROSTAIY
CHEETUC
a. Clamiða-cheetuc
b. Lurgiy-cheetuc
c. Wefot-cheetuc
d. Zutter-cheetuc
Tjemps
Spokaans
Plefô-Spokaans
Krappa-Spokaans
Midden-Spokaans
Ziffon-Spokaans
Ÿrofly-Spokaans
Môliy- of Veld-Spokaans
Hazâcki-Spokaans
Zverostaïsch
Cheetuc of Zuidspokanisch  
Moeras-Cheetuc
Midden-Cheetuc
West-Cheetuc
Zuid-Cheetuc
775.000
4.519.000
888.000
195.000
1.595.000
94.000
150.000
1.220.000
377.000
303.000
435.000
29.000
124.000
15.000
266.000
33%
 
42%
36%
8%
85%
23%
63%
19%
67%
 
25%
74%
2%
22%
B. PEGREVIY-MUX Pegrevisch 1.187.000  
1.
2.
 
 
3.
KABI-PEGREVIY
NUTTER-SPOKÂNDA
a. Lurgiy-pegreviy
b. Nes-pegreviy
NUTTER-PEGREVIY
Druk-Pegrevisch
Noord-Spokanisch
Midden-Pegrevisch
Nes-Pegrevisch
Noord-Pegrevisch
372.000
732.000
548.000
184.000
83.000
9%
 
45%
62%
67%
C. GAROSSÂ-MUX Garosisch 32.000 78%

10.6   Noten bij de tabel

ad A.2.
Het Spokaans heeft sinds 1948 de status van officiële landstaal. De onderverdeling in a t/m g geldt vooral voor de gesproken vorm van het Spokaans; de officiële Spokaanse schrijftaal (zoals in dit boek behandeld wordt) is gebaseerd op het Midden-Spokaans zoals dat in de hoofdstad Hirdo (district Ziyp) gesproken wordt.

ad B.1.
Het Druk-Pegrevisch heeft een belangrijke functie als schrijf- en literaire taal. De overige Pegrevische dialecten missen een genormaliseerde spelling en dienen voornamelijk als spreektaal onder de boerenbevolking.

ad B.2.b.
Het Nes-Pegrevisch onderscheidt zich van de overige Pegrevische dialecten door de grote hoeveelheid niet-Atlantische leenwoorden. Het wordt dan ook gesproken in een gebied met Europees georiënteerde havensteden.

ad C.
Sommige linguïsten (o.a. Kerido-Ploema, 1977) geven er de voorkeur aan om het Garosisch tot de Pegrevische dialecten te rekenen. Garosisch zou dan groep B.4. worden. Het Garosisch kent veel Spaanse en Portugese leenwoorden.

10.7   Pegrevische alfabet

Tot omstreeks 1910 werd er in heel Spokanië voornamelijk gebruik gemaakt van het Pegrevische alfabet, dat ondanks de naam niet alleen bestemd was om de Pegrevische taal mee te schrijven, maar dat ook voor het Spokanisch gebruikt werd. Dit alfabet wordt besproken in de Hoofdstukken 180 en 181. Alleen het Garosisch werd al eeuwen met Latijnse letters geschreven (maar Garos behoorde dan ook niet tot het Spokanische koninkrijk; het was tot 1958 een onafhankelijk prinsdom). Na 1910 verschenen vooral in het Spokaanse (Westspokanische) taalgebied meer en meer boeken en periodieken in het Latijnse alfabet, en op 12 april 1922 maakte de Wet op de Alfabethervorming (Abeke-nâs-vobare-lacs, afgekort ANVOL) een einde aan het gebruik van het Pegrevische alfabet, althans voor de Spokaanse standaardtaal. Ook de andere Spokanische dialecten (Tjemps, Zverostaïsch en Cheetuc) gingen over op het Latijnse schrift. Alleen de Pegrevische dialecten hebben hun oorspronkelijke alfabet nooit vaarwel gezegd: tot op de dag van vandaag is het in gebruik.

10.8

De wet van 1922 voorzag in een "voorlopige" Latijnse spelling, die een grote mate van vrijheid in de schrijfwijze toeliet. Vele taalgeleerden en geïnteresseerden hebben zich dan ook intensief met de spellingskwestie beziggehouden en pas in 1931 verscheen er een rapport van de Eerste Spellingscommissie met gemotiveerde voorstellen voor vaste spellingsregels. Vanaf dat jaar zijn er diverse spellingswijzigingen doorgevoerd, de laatste op 11 maart 1966, die Kleter Stabôos ("Nieuwe Spelling", meestal afgekort tot KS) genoemd wordt. Op 23 mei 1977 is er een aanvulling op deze KS gekomen, dit naar aanleiding van de vele protesten en bezwaren die er op het voorstel van 1966 volgden. In de uiteindelijke KS van 1977 (die wij ook in dit boek gebruiken) zijn de ee en oe veranderd in respectievelijk é en ó (behalve in eigennamen, en met hoofdletters geschreven opschriften). Achter de plaatsnaam of het publicatienummer (PH) op de titelpagina van boeken ná 23 mei 1977 staat een omcirkelde KS: . In boeken zónder dit teken kunnen we allerlei spellingsvariaties verwachten, zoals ee voor é, oe voor ó, sh voor š, dh voor ð, yj voor ÿ, voor ÿr, enzovoort. Noot 1


Noot 1 Tegenstanders van de laatste spellingshervorming, waarbij vele lettercombinaties door diacritische tekens vervangen zijn (zoals ee > é of dh > ð), wijzen tegenwoordig triomfantelijk op hun gelijk, nu er alom problemen rijzen om zulke diacritische tekens zichtbaar te maken op computerschermen en printerpapier.

10.9

Heden ten dage komen we het Pegrevische schrift in het Spokaanse taalgebied nog tegen in historisch georiënteerd drukwerk (bijbels, sages, Ergemip, wetten, literatuurhistorische uitgaves) en verder in opschriften, reclameleuzen en dergelijke. Afzonderlijke Pegrevische letters worden nog gebezigd als afkortingen voor munteenheden en maten, zoals (= t) voor tóftos, (= h) voor herco, (= m) voor myle (= 925,5 meter).

10.10   Diacritische tekens

In de huidige Spokaanse spelling worden de volgende diacritische tekens gebruikt (tussen haakjes de in Nederland gebruikelijke namen voor deze tekens, hoewel zij een andere functie hebben):

10.11

De pira komt voor op de a, o en u (zie § 10.14 en § 10.17). De jet komt voor op de d en s (zie § 10.15 en § 10.17), maar wordt ook wel gebruikt op de c om een Oudspokaanse klank weer te geven, die varieert tussen [ts] en [tsj] (zie § 10.15, en ook Blok 70.3 en § 70.4 punt 4.). In deze digitale versie van GRASP wordt de d-jet aangegeven met ð.
De lyk is feitelijk een kommaatje, en moet niet verward worden met het accent aigu, dat een schuin streepje is. De lyk komt voor op de e en de o. In deze digitale versie van GRASP worden e-lyk en o-lyk aangegeven met resp. é en ó.
De ÿt komt voornamelijk voor op de y (zie § 10.14 en § 10.17), maar wordt ook in de functie van trema gebruikt om aan te geven dat de e in de combinaties ee en oe apart uitgesproken moet worden (zie § 11.36).
De akutt ten slotte komt in de normale Spokaanse spelling niet voor, maar wordt in leerboeken ed. wel gebruikt om een afwijkend accent te markeren, bijvoorbeeld in de definitieve tijd meldá, waar het accent niet op de e ligt, maar op de a.
In Garosische namen komt de akutt voor op de n in de combinatie ng. In deze digitale versie van GRASP wordt deze Garosische klank weergegeven met ñg (zie § 64.19).

10.12

De Spokaanse spelling is zo goed als fonetisch: de meeste letters zijn het symbool voor slechts één klank (uitgezonderd x) en de meeste klanken worden door niet meer dan één letter weergegeven (uitgezonderd [k]). Van een aantal letters wordt de uitspraak echter beïnvloed door hun positie in het woord (aan het begin, einde, of middenin) of door de fonologische omgeving. Zo klinken l en r anders voor een vocaal dan voor een consonant. Een beperkte groep woorden heeft in het Spokaans een andere uitspraak dan op grond van de hierna te behandelen regels verwacht zou worden, en er is daarom sprake van een onregelmatige uitspraak. Dit is voornamelijk het geval bij frequent voorkomende woorden, bij lastige consonantclusters waarbij de uitspraak versimpeld is, en bij geografische namen.

10.13

Het fonetische karakter van de Spokaanse spelling maakt het grotendeels onnodig om een speciaal fonetisch alfabet (met afwijkende symbolen) te scheppen: de bestaande letters, al dan niet met hun diacritische tekens, zijn op enkele uitzonderingen na geschikt voor het aangeven van de juiste uitspraak. Hieronder zullen wij de Spokaanse klanken gemakshalve zo veel mogelijk vergelijken met klanken uit andere talen, waarbij N. = Nederlands; E. = Engels; D. = Duits.
De klanken die in het Spokanische fonetische alfabet anders geschreven worden dan in de "gewone" spelling, zijn met * gemarkeerd.

10.14   Vocalen

[a] als aa in N. "maan".
[â] als a in N. "man".
[ä] als auw in N. "lauw" (alleen dialectisch, zoals in het Tjemps).
[é] als ee in N. "heen".
[e] als e in N. "hen".
[ë]*   tussen [é] en [ÿ]. In feite een [é] die enigszins gediftongeerd wordt onder invloed van de erop volgende [r].
[ê]* schwa, als e in N. "gegaan".
[°]* zeer korte variant van [ê], ongeveer als de korte schwa die tussen de l en k van N. "melk" uitgesproken wordt.
[i] als ie in N. "riet", maar iets korter. Bij sommige Spokaniërs is de [i] nauwelijks hoorbaar; N. "riet" klinkt dat als "rrt".
[y] tussen [i] en [ú]. In feite een naar achter uitgesproken [i].
[î]* ongeveer als i in N. "rit".
[o] als oo in N. "boot" (absoluut zonder diftongering).
[ô] als o in N. "bot".
[ó] als oy in E. "boy".
[ö]* tussen [o] en [ú]. In feite een [o] die enigszins gediftongeerd wordt onder invloed van de erop volgende [r].
[u] als uu in N. "fuut".
[û] als u in N. "fut", maar iets meer gerond.
[ú]* als oe in N. "koek".
[ÿ] als ei in N. "eis", eventueel iets in de richting van ei in D. "Eis".

10.15   Consonanten

[b] als b in N. "bed".
[ç]* als alveolo-palatale [g] (ich-laut met de tongrug omhoog; globaal tussen ch van D. "ich" en sh van E. "ship" in).
[d] als d in N. "dek".
[ð] als hechte verbinding van stemhebbende th in E. "the" en [j].
[d|]*   als hechte verbinding van [d] en [l] (één klank).
[þ]* als stemloze th in E. "three".
[f] als f in N. "fel".
[ƒ]* als bilabiale ("aangeblazen") [f].
[g] als ch in D. "ich" (ich-laut).
[G]* als g in E. "good", of D. "gut".
[h] als h in N. "heb".
[H]* als extra geaspireerde [h] (klinkt als een zucht).
[j] als j in N. "jas", maar iets geprononceerder zodat de [g] benaderd wordt.
[k] als niet-geaspireerde k in N. "kap".
[l] als dunne l in D. "viel".
[L]* als dikke l in E. "well", of in Portugees.
[m] als m in N. "mep".
[n] als n in N. "nep".
[ñ]* als ng in N. "eng" (komt alleen in sommige Spokaanse dialecten voor).
[p] als niet-geaspireerde p in N. "pet".
[r] als een rollende r.
[R]* als r in E. "more" (nadert de schwa: [ê]).
[s] als s in N. "sik", maar scherp sissend, of als enigszins gelispelde s (lijkt op [þ].
[š] als hechte verbinding van [þ] en [j].
[t] als niet-geaspireerde t in N. "tik", of als dentale t waarbij de tong ver voorbij de voortanden steekt (ongeveer als in het Spaans).
[t|]* als hechte verbinding van [t] en [l] (één klank).
[T]* als een sterk geaspireerde [t] met een syllabisch karakter.
[v] tussen v in N. "vat" en w in N. "wat" in (labiodentaal en fricatief tegelijk).
[w] bilabiaal, als w in E. "what", of als "Surinaamse w".
[z] als z in N. "zee", maar duidelijk zoemend en stemhebbend.
['] glottisslag, de klank die te horen is tussen de beide e's van N. "geënt".

10.16   Overige fonetische symbolen

:* (dubbele punt achter vocaalteken) vocaalverlenging; een verlengde vocaal klinkt in het Spokaans twee à drie keer langer dan een niet-verlengde vocaal.
a*   (vet gedrukt vocaalteken) vocaal (syllabe) met het hoofdaccent.
n* (onderstreepte consonant) syllabische consonant.

Zie verder Hoofdstuk 11 voor deze fonetische symbolen.

10.17   Spokaanse alfabet

Het alfabet zoals opgenomen in het hier volgende Blok wordt vanaf 23 mei 1977 gebruikt (zie § 10.8).
Achter elke letter staan achtereenvolgens de naam van de letter en de wijze(n) waarop, volgens de regels, deze letter in een woord uitgesproken wordt.

Spokaanse alfabet
a     a [a]     i     i [i]     s     és [s]
â a-pira [â] j je [j] š šet/és-jet   [š]
b be [b] k kaji [k] t te [t]
c ce [k] l él [l]/[L] u u [u]/[ú]
d de [d] m ém [m] û u-pira [û]
ð ðet/de-jet   [ð] n én [n] v ive [v]
e e [e] o o [o] w we [w]
é e-lyk [é] ô o-pira   [ô] x éx [ks]/[þ]/[kþ]
f éf [f] ó o-lyk [ó] y yflo [y]
g ge [g] p pe [p] ÿ yflo-ÿt [ÿ]
h haji [h]/[H]       q qu [k] z ze [z]
      r ér [r]/[R]            

10.18

In alfabetische systemen spelen de diacritische tekens geen rol, tenzij dit teken het enige onderscheid is tussen overigens gelijkvormige woorden (zo komt fal vóór fâl). Indien het gebruik van diacritische tekens onmogelijk is (zoals op telex-apparaten en bij primitieve tekstverwerkers of printsystemen) kunnen deze tekens vervangen worden door een lettercombinatie, maar bedenk wel dat dit een noodoplossing is, en geen algemeen geaccepteerde alternatieve spelling. De conversie gaat als volgt:

â = aw     û = uw     é = ee     ÿ = yw     ð = dh
ô = ow         ó = oe         š = sh

Het woord šaðôr (natuur) verschijnt op de telex als shadhowr. Noot 1


Noot 1 In de computerwereld is een nieuwe conventie voor de vervanging van diacritische tekens ontstaan, als ASCII-codes boven de 126 niet gebruikt mogen worden. De letters worden dan gevolgd door een symbool, en wel als volgt:

â = a^     û = u^     é = e~     ÿ = y"     ð = d^
ô = o^         ó = o~         š = s^

Het woord šaðôr verschijnt nu als s^ad^o^r.


10.19

Namen van letters kunnen in het Spokaans voluit als naam, of als teken geschreven worden. In literaire teksten wordt de voorkeur aan het voluit schrijven gegeven:

  • Blul stindelije ef quanka "Lepberiy" tjâg pe-be.
    De naam "Lepberiy" wordt met pb geschreven.

  • Ef wufta "fÿpÿjÿf" ÿrgefûðe perdÿr éfs ur dur yflo-ÿts.
    Het woord "fÿpÿjÿf" bevat twee f's en drie ÿ's.

10.20

In wetenschappelijke teksten, beschrijvingen van formules, gebruiksaanwijzingen en dergelijke wordt de voorkeur aan het schrijven van een teken gegeven, bijvoorbeeld:

  • Blul stindelije ef wufta "exâm" kerru tjâg ks.
    Het woord "exâm" wordt ook met ks geschreven.

  • Zerfe-gôrse fjy A, varierer d.
    Zie figuur A, variant d.

Vergelijk ook § 180.25–29.


TOP
<< Voorwoord | Hoofdstuk 11 >>

© (2000) Rolandt Tweehuysen, Kimswerd, the Netherlands